Bijdragen door Joop Janssen

Omstreeks het jaar 0 komen de Romeinen in deze streek, tot aan de Rijn, dat wordt de noordgrens. Op de Bergakker is in 1954 een klein Romeins altaar gevonden en bij het zuigen van een zandgat zijn resten van een Romeins schip gevonden.

 In de eerste eeuw na Christus vestigt zich een stam, de Bataven, in het rivierengebied. Zij zijn waarschijnlijk de naamgever van de Betuwe.

In 800 wordt Karel de Grote keizer van het heilige Roomse Rijk. Dat land was vele malen te groot om alleen te besturen en daarom gaf hij stukken land in leen aan vertrouwelingen. Die stukken land werden gouwgraafschappen genoemd. Teisterbant was zo’n graafschap.

Uit een schenkingsoorkonde uit 850 blijkt dat graaf Balderik een boerderij uit Avezaath aan de bisschop van Utrecht heeft geschonken.

 Graaf Waltger was één van de heren van Teisterbant en had omstreeks 900 zijn hof in Avezaath.

Misschien was dat wel op de Aldenhaaf binnen de nog aanwezige gracht.

Tiel was in die tijd een zeer welvarende handelsplaats. Vanuit Tiel kon men per schip naar Duitsland en Engeland en verder varen. Vervoer over water was het belangrijkste transportmiddel. Vanaf Tiel ging dat vervoer naar het westen over de Linge en kwam dus langs Kapel-Avezaath. De Linge was al vanaf de Romeinse tijd een belangrijke vaarroute en veel breder dan nu.

Doordat de Linge vaak overstroomde, er waren nog nauwelijks dijken, besloot men in 1304 om bij Tiel de Linge af te dammen. De scheepvaart over de Linge werd hierdoor beperkt tot kleine scheepjes. Het is mogelijk dat daardoor de graaf van Teisterbant naar Kerk-Avezaath is verhuisd. Ook al omdat daar de weg van Tiel naar Utrecht liep. Om de macht van de graaf te tonen is daar een kerk gebouwd en zo ontstond Kerk-Avezaath.

In de hertogelijke Gelderse leenboeken van rond 1400 worden in Kapel-Avezaath 3 versterkte huizen vermeld. Dat zijn de Vliegenborch, de Muggenborch en de Aldenhaaf.

De Aldenhaaf in de jaren 50. (foto Anneke Derksen-Ludo Huising)

De Aldenhaaf in de huidige staat stamt uit de 19e eeuw en is nu een woonboerderij aan het Laageinde. Aan de oostkant is er nog steeds een gracht of singel.

De Singel waarop vroeger ook geschaatst kon worden. Foto Anneke Derksen-Ludo Huising.

Daarbinnen heeft de oorspronkelijke hofstede gestaan. De naam Aldenhaaf is hoogstwaarschijnlijk afgeleid van de naam Aldenavesaet, zoals Kapel-Avezaath vroeger ook genoemd werd. In 1413 was de Aldenhaaf eigendom van de hertog van Gelre.

De grote boerderij de Muggenberg is halverwege de jaren 60 van de vorige eeuw afgebroken. 

(De Muggenberg op de T-splitsing: Laageinde, Moleneind en Zoelensestraat). foto archief Joop Janssen.
(Zijaanzicht vanaf de Zoelensestraat). Foto archief Joop Janssen.
Foto Joop Janssen.

Daarvoor in de plaats heeft de familie van Beusichem een bungalow laten bouwen. Het bakhuis heeft de tijd wel overleefd en staat er nog. 

De oorspronkelijke Muggenborch moet iets noordelijk van de boerderij gelegen hebben en had een ringgracht. In 1432 was de hertog van Gelre eigenaar. Van 1547 tot 1724  is de Muggenborch in handen geweest van het geslacht van Brakel. Zij bekleedden belangrijke functies zoals dijkgraaf en rechter. Daarna zijn nog verschillende Betuwse geslachten eigenaar geweest.

Naar de Muggenberg is een straatnaam vernoemd.

Waar de Vliegenberg (ook wel borch of borgh) heeft gestaan is niet duidelijk, maar het is best mogelijk dat het op de plaats van de oude school was. Onderzoek bij de sloop van die  school heeft aangetoond dat de fundamenten veel ouder waren. De Vliegenberg was eigendom van de Graaf van Culemborg. De naam komt voor in de leenboeken van 1432 tot ongeveer 1650.